Uit de factsheet 'zitten tijdens werk' van TNO blijkt dat meer dan de helft van het zitten gebeurt tijdens werk: 4,5 uur. De vrijetijdsbesteding en het woon-werkverkeer dragen tevens bij aan een langere zittijd per dag. Gezond is het niet, want er zijn aanwijzingen dat langdurig zitten de kans op hart- en vaatziekten, diabetes en depressieve klachten verhoogt. 26 procent van de Nederlandse bevolking van 15 jaar en ouder meer dan 8,5 uur zit op een gemiddelde dag. Dit percentage ligt veel hoger dan het gemiddelde van 11 procent in Europa.
Gezondheidsrisico's
Het belangrijkste risico van veel zitten heeft te maken met de beenspieren. Deze verbranden namelijk de meeste energie uit voedsel. Vet en suiker worden niet goed verwerkt als je zit, met als gevolg een verhoging van het risico op hart- en vaatziekten en klachten aan de spieren. Volgens de Gezondheidsraad hebben mensen die meer dan 8 uur per dag zitten zelfs 74% meer kans op om te sterven aan hart- en vaatziekten.
Europese beweegrichtlijnen
Om dit te voorkomen adviseren de Gezondheidsraad en de Wereldgezondheidsorganisatie (WHO) om lange periodes van zitten te voorkomen en te onderbreken. Volwassenen zouden ten minste twee en een half uur matig intensief moeten bewegen en kinderen dagelijks minstens een uur. Daarbij worden spier- en botversterkende activiteiten aanbevolen, ten minste twee dagen per week. Voor kantoorwerkers is het advies om elk half uur te onderbreken met staan of lopen.
Minder zitten op het werk
Sinds COVID-19 zitten werknemers meer dan voorheen, waarbij het aantal zituren van 9,8 uur in 2015 steeg naar 10 uur in 2021. De oorzaak hiervan is niet onderzocht. Nu werknemers vaker thuiswerken ligt de verantwoordelijkheid voor de gezondheid nog meer bij de werknemer zelf. Organisaties kunnen maatregelen nemen door zit-stabureaus te faciliteren voor (thuis)werkplekken. Zelf kunnen werknemers het zitten verminderen door hun eten en drinken te halen op een andere verdieping, een wandeling te maken voor of na werk en door lopend te telefoneren.






