Hoe zorg je voor voldoende faciliteiten als OR

Grote, complexe reorganisaties. Ze zorgen voor veel stress bij personeel, en ook bij de ondernemingsraad. Want die moet vaak snel advies uitbrengen. Hoe zorg je ervoor dat je toch grip op de zaak houdt?

Tot de basisvoorwaarden voor het functioneren van een ondernemingsraad behoren voldoende (werk)tijd, deskundigheid, informatie en enkele materiële voorzieningen. Als de OR niet genoeg van deze faciliteiten heeft, zal hij nooit goed zijn werk kunnen doen.

Faciliteiten zijn de dingen die het leven vergemakkelijken. Het is niet het leven zelf, maar het maakt het aangenaam. Bij een ondernemingsraad is het zelfs meer dan dat. Als OR-leden niet voldoende tijd hebben voor hun vertegenwoordigende taak, wordt het nooit wat met de medezeggenschap.
 
Van tijd tot tijd hoor ik een directeur verklaren dat zijn OR-leden over alle tijd kunnen beschikken die ze nodig hebben. Intussen blijkt wél dat OR-leden regelmatig een vergadering overslaan omdat ze niet gemist kunnen worden. Of ze worden door collega’s met een scheef oog aangekeken als ze wél gaan en hun stukken thuis doornemen. Zolang er niet wordt gezorgd voor vervanging, uitbreiding van arbeidscontracten en verschuiven van taken, is elke uitspraak op dat vlak een goedkoop en leeg gebaar. ‘De OR-leden zoeken het zelf maar uit!’, zal de directeur bedoelen.

Als diezelfde directeur dan ook nog klaagt dat de ondernemingsraad zo weinig oplevert, laat hij blijken een eenvoudig ondernemersprincipe niet begrepen te hebben: wat je niet investeert, levert ook niets op. En het echt beschikken over tijd is slechts één van de noodzakelijke faciliteiten van een ondernemingsraad.

Tijdprobleem
Voor de uitoefening van zijn bevoegdheden – en daarmee dus ook voor het verrichten van zijn taken – moet de OR kunnen beschikken over toereikende middelen. Dit loopt uiteen van puur materiële zaken zoals vergaderruimte en kopieerfaciliteiten tot immateriële als scholing en vergadertijd. Zonder voldoende middelen komt er van de medezeggenschap weinig tot niets terecht.

Het OR-lid zonder voldoende faciliteiten komt vooral in tijdproblemen. Hij moet maar zien hoe hij het redt om het OR-werk naast het normale werk te verrichten. Vaak betekent dat een extra belasting op de vrije tijd én onvoldoende inzet voor het OR-werk. Collega’s en leidinggevende nemen het hem kwalijk als hij werk laat liggen. De partner thuis is al snel niet meer zo ingenomen met zijn medezeggenschapstaken. Veel OR-leden maken hun zittingstermijn om deze redenen niet eens vol.

Kandidaten afschrikken

Sommigen kunnen het OR-werk beter combineren met hun eigen werk. Ook zijn er altijd medewerkers die het niet erg vinden om hun vrije tijd hieraan te besteden. Vaak zijn deze uitzonderingen degenen die verbetering tegenhouden. Zíj kunnen het toch ook?
Een slechte faciliteitenregeling moedigt medewerkers niet aan om zich kandidaat te stellen voor de ondernemingsraad. Ze horen immers van de (oud)-OR-leden wat die ondernemingsraad aan extra werk met zich meebrengt. Hun leidinggevende en directe collega’s moedigen kandidaatstelling ook niet aan. Het werk wordt er voor hen niet makkelijker op met een OR-lid in hun midden. Tijdgebrek blijkt de belangrijkste verklaring die mensen opgeven als hen wordt gevraagd waarom ze zich niet verkiesbaar stellen. Dat geldt voor deeltijders en vrouwen nog sterker dan voor anderen.

Deskundigheid nodig
Het ontbreken van voldoende middelen werkt onvermijdelijk ook door op de kwaliteit van de medezeggenschap. De directie is doorgaans volledig vrijgesteld voor haar bestuurstaken en kan daarbij bovendien een ruim beroep doen op deskundigen van binnen en buiten de onderneming. Om een volwaardige gesprekspartner te kunnen zijn, moet de OR zich ook voldoende kunnen verdiepen in de materie. Daarbij gaat het niet om het evenaren van de deskundigheid van de directie, maar om het toepassen van de eigen deskundigheid: vertegenwoordiging van het personeel. De OR moet in elk geval weten waarover hij praat en wat de mening van (delen van) de achterban terzake is. Dat alles veronderstelt de nodige tijd, kennis en vaardigheden.

De onderneming
Als er te weinig medezeggenschap is, werkt dat door in de kwaliteit van het beleid en te nemen besluiten. Er is namelijk onvoldoende zicht op het draagvlak in de onderneming, de deskundigheid van de medewerkers en wat er in de onderneming werkelijk leeft. De werknemers hebben overigens direct te lijden onder een slecht functionerende ondernemingsraad. Vakbonden zijn zelden in staat de collectieve belangenbehartiging in de onderneming te verzorgen. Als de OR het ook niet doet, moeten medewerkers voor zichzelf opkomen. En ook al wordt er hoog opgegeven over de mondigheid van de moderne medewerker, hij beschikt niet over de middelen om gezamenlijke belangen te behartigen.

Noodzakelijke randvoorwaarden van medezeggenschap
Faciliteiten kun je zien als noodzakelijke randvoorwaarden van medezeggenschap. Het naar behoren regelen ervan is niet alleen in het belang van de zittende raad. Het is ook in het belang van de onderneming en toekomstige ondernemingsraden. Naarmate toekomstige OR-leden meer gebruik kunnen maken van al gerealiseerde verworvenheden, zijn ze sneller in staat de medezeggenschap inhoud te geven. Als je bij je aantreden moet constateren dat zelfs aan basisbehoeften als tijd en vervanging niet is voldaan, zit er weinig anders op dan eerst dat te regelen. Elke ondernemingsraad zou het realiseren van een toereikende faciliteitenregeling dan ook tot eerste prioriteit moeten verheffen. Niet alleen voor het eigen belang, maar voor al die raden die nog na hem zullen komen. Voldoende faciliteiten vormen de basis waarop werkelijke medezeggenschap mogelijk wordt.
 
Tips voor de OR
Maak met de directie afspraken over de urenvrijstelling voor OR-leden, het gebruik van bedrijfsruimten en de communicatie in- en extern. Leg deze afspraken vast in een bijlage bij het reglement. Zorg ervoor dat zowel directie als OR-voorzitter (en secretaris) dit document ondertekenen.
 

Budgetteren of begroten?

Omdat de ondernemingsraad zijn medewerking moet geven, kan hij dus nooit tegen zijn zin gedwongen worden tot een budget. Het is niet alleen moeilijk om vooraf de kosten in te schatten, het is soms ook onmogelijk omdat je nog niet weet wat er het komend jaar zal gebeuren. Een aantal posten mag trouwens niet worden opgenomen in een budget. Ook als de OR akkoord gaat met een eigen budget, kan hij nooit vooraf bindende afspraken maken over dagelijkse kosten als het gebruik van telefoon en tekstverwerker), de kosten voor het doorbetalen van salaris tijdens OR-activiteiten en scholingskosten.

Vaak wil de directie dat de OR inschat hoeveel geld hij het komend jaar nodig heeft, zodat er een bedrag voor het OR-werk kan worden begroot. Daar is niets op tegen. Het is begrijpelijk dat de directie de toekomstige kosten wil kennen. Maar het is géén budget zoals de wet dat bedoelt. De OR kan zonodig op elk moment de begrote kosten overschrijden, zolang daarbij de wettelijke regels in acht worden genomen. De WOR spreekt pas over een budget als directie en OR overeenstemming hebben over de hoogte van de maximale kosten van een aantal posten in een begrotingsjaar. Zo’n budget wordt dan dwingend voor de raad, tenzij de directie toestemming geeft voor een overschrijding.

 

Onderwerpen aanpassen

Mijn artikeloverzicht kan alleen gebruikt worden als je bent ingelogd.